Mineraaltje met een verhaaltje



Foto en verhaal Erik Vercammen

Mijn eerste grote vondst: “Garbenschiefer” (amfibool)

In 1974 ging ik met de familie op vakantie in Binn, waar we een verdieping in een groot chalet gehuurd hadden. Ik was toen pas een paar jaar bezig met verzamelen en kende er nog niet echt veel van. Wel had ik toen net een geologenhamer gekocht, en van een vriend had ik een boek kunnen lenen “A Guide to the Minerals of Switzerland” door Max Weibel. Zodoende had ik al kunnen lezen over de groeve van Lengenbach, waar ik toen ook gaan zoeken ben: dat heeft naast dolomiet en pyriet ook wat realgar, toermalijn en ‘sulfozouten’ opgeleverd.

Uiteraard heb ik ook buiten Lengenbach de hele tijd uitgekeken naar mineralen, overal waar er maar stenen lagen. Bij de zoekplaatsen behoorde ook het bed van de rivier de Binna, vlak bij onze vakantiewoning, waar heel wat stenen aan de oevers lagen. Bij het zoeken daar stootte op ik bovenstaande steen, maar liefst 35 centimeter breed, dus wel een “grote” vondst. En in dat boek stonden uiteraard ook nog andere mineralen beschreven en geïllustreerd, waaronder “Garbenschiefer”. Dit kan vertaald worden als ’garvenschist’ of ‘schovenschist’, wel een heel tekenende naam. Het gaat hier om naaldenbundels van amfibool (mogelijk actinoliet), die ontwikkeld zijn in een schist, als een product van de Alpiene metamorfose.

Het stuk zit nog steeds in mijn verzameling, als voorbeeld van een metamorf gesteente. En een klein stuk, dat ik er afgespleten heb, ligt nog steeds bij de amfibolen in mijn tentoongestelde verzameling.